Zijn er ook nadelen aan het chippen?
Het enige nadeel is dat je aan de buitenkant niet kan zien of een
dier gechipt is.
Hoe werkt zo'n chip?
Wanneer hij voor een magnetisch veld wordt gehouden, zendt de chip
een code uit. Deze code bestaat uit 15 cijfers die niet kunnen vervalst
worden. De eerste 3 cijfers staan voor het land waar het dier gechipt
is. De 12 laatste cijfers geven elk dier zijn uniek herkenningsnummer.
Plaatsing van de chip
Het plaatsen van de transponder is heel eenvoudig. Het gebeurt met
een injectienaald, die iets dikker is dan deze waarmee dieren hun
jaarlijkse prik krijgen. Het dier reageert hier nauwelijks op, omdat
er onder de huid bijna geen gevoelszenuwen zitten. Na inbreng hecht
de transponder zich vast in weefsel. Op deze manier is de kans klein
dat de chip in het lichaam gaat ronddolen. Gebeurt het toch dat de
chip 'op wandel' gaat dan is dit nóg geen probleem. Hij richt
geen schade aan doordat hij in de onderhuidse laag blijft en maximaal
een paar centimeter opschuift, doch een ISO-transponder migreert in
principe nooit.
Hoe en door wie kunnen deze nummers afgelezen worden?
Iedere dierenarts die beschikt over een ISO-aflezer kan elke ISO-transponder
over de hele wereld aflezen.
Niettemin zijn er ook afleesapparaten (vaak de goedkopere) die alleen
de transponders van de eigen fabrikant kunnen lezen.
Ook dierenambulances en asielen en de federale politie zijn tegenwoordig
steeds meer in het bezit van zo'n reader. Belangrijk is wel dat zij
beschikken over readers die ook niet ISO-chips kunnen aflezen, omdat
er met name in de voorafgaande jaren ook wel dieren zijn gechipt met
een niet ISO-chip.
Voor meer info kan u ook altijd terecht op de site van de Belgische
Vereniging voor Identificatie en Registratie van Honden. www.abiec-bvirh.be.
